Auteursrechtverklaring
Inhoud
Hatch 3 Setup Masterclass: de ‘nul-frustratie’-gids voor strak digitaliseren
Als het openen van je borduursoftware voelt alsof je in de cockpit van een 747 stapt zonder handleiding, ben je niet de enige. Beginnersvideo’s gaan vaak te snel, waardoor je in ‘klikpaniek’ schiet: je volgt alleen de cursor, zonder te begrijpen waarom je iets doet.
Na jaren workflows in borduurstudio’s en kleine productievloeren te hebben aangescherpt, is dit de kern: software is de digitale tegenhanger van je fysieke borduurmachine. Een rommelige setup op het scherm vertaalt zich later naar gedoe aan de machine—slechte volgorde, onnodige sprongsteken en onnodige correctierondes.
In deze gids vertragen we bewust. We richten je werkruimte zo in dat je, nog vóór je gaat digitaliseren, controle hebt over maatvoering, uitlijning en het gedrag van de borduurring.
Je leert:
- Een ‘controletoren’ bouwen: elk object volgen om ellende met borduurvolgorde te voorkomen.
- Schakelen tussen ‘preview’ en ‘techniek’: TrueView versus steekweergave, en wanneer je welke gebruikt.
- De logica van de borduurring beheersen: stoppen dat de ring ‘meespringt’ door automatisch centreren.
- Artwork vastzetten: importeren, exact schalen en vergrendelen zodat je overtrekwerk niet wegdrijft.
- Precisie standaardiseren: linialen en hulplijnen gebruiken in plaats van ‘op het oog’.

1. De ‘controletoren’: het tabblad Resequence instellen
Een typische beginnersfout is alleen naar het ontwerp in het midden kijken. Je wilt óók zien wat er ‘achter’ het ontwerp gebeurt. Het tabblad Resequence is je verkeersleiding: je ziet in één oogopslag welke objecten en kleuren er zijn en in welke volgorde ze (straks) aan bod komen.
Waarom dit later problemen voorkomt: borduurontwerpen bestaan uit lagen. Als je de volgorde niet bewaakt, kun je bijvoorbeeld een contour vóór een onderlaag laten komen. Dat levert zichtbare kieren op of juist te veel dichtheid in één zone, waardoor je onnodig risico loopt op draadproblemen.
Stap-voor-stap: het tabblad Resequence inschakelen
- Zoek de docker/panelen: kijk helemaal rechts in de Hatch-interface.
- Actie: klik op het tabblad Resequence.
- Visuele check: je ziet twee lijsten/secties: Colors en Objects.
- Werkbaar maken: zet het panel vast (pin) zodat het open blijft tijdens je werk.
Snelle ‘sensorische’ check:
- Visueel: als je een object op het canvas selecteert, licht dat dan ook op in de lijst? Dan weet je dat je ‘leest’ wat je straks ook gaat borduren.

Praktijktip: cursor volgen als de uitleg te snel gaat
Uit de praktijk blijkt dat dit soort video’s soms te snel gaan en dat er af en toe een klik gebeurt zonder dat die hardop genoemd wordt. Als je vastloopt: luister even minder en kijk naar de cursor. In Hatch ‘hangt’ de cursor vaak net boven het veld in de Property Bar dat je moet hebben—zeker bij maatvoering en instellingen.
2. Weergaven: ‘klantproof’ vs. ‘techniekproof’ (TrueView)
Hatch heeft twee manieren om naar je ontwerp te kijken. Weten wanneer je moet schakelen is een basisvaardigheid voor kwaliteitscontrole.
- TrueView (3D): ‘klantproof’. Je ziet een realistische indruk van draad, glans en structuur.
- Steekweergave (TrueView uit): ‘techniekproof’. Je ziet de ruwe opbouw: lijnen/structuur, verbindingen en loopsteken.
Stap-voor-stap: TrueView aan/uit zetten
- Actie: zoek het TrueView-icoon in de bovenste werkbalk.
- Zet aan: het ontwerp oogt ‘geborduurd’. Gebruik dit om het eindbeeld te beoordelen.
- Zet uit: je ziet de technische steekstructuur. Gebruik dit om ‘rommelige’ verbindingen en onlogische looplijnen op te sporen.
Waarom dit werkt: In TrueView zie je niet altijd alle kleine technische details. Daarom is het slim om (ook als beginner) regelmatig even naar de steekweergave te schakelen, zodat je begrijpt wat de machine straks echt gaat doen.


3. Het borduurring-probleem: overschakelen naar handmatige positionering
Hier raakt software direct aan je fysieke werkproces. Standaard staat Hatch vaak op Automatic Centering. Dan ‘volgt’ de borduurring je ontwerp: je verplaatst het ontwerp en de ring beweegt mee. Dat kan handig zijn, maar het is ook irritant zodra je bewust wilt positioneren.
Praktijkrealiteit: op je borduurmachine beweegt de ring niet ‘automatisch’ omdat jij een logo naar links schuift. Je wilt dat de software-ring zich gedraagt als een vaste referentie, zodat je plaatsing en pasnauwkeurigheid beter kunt beoordelen.
Stap-voor-stap: borduurring kiezen en passen controleren
- Actie: open de dropdown met borduurringen.
- Selecteer: kies PRH100 (100 x 100) (standaard 4x4 / 100×100) of de ring die bij jouw machine hoort.
- Visuele check: je ziet een rode vierkante begrenzing. Als je ontwerp buiten die rode lijn valt, past het niet binnen de ring.


Stap-voor-stap: handmatige controle afdwingen
- Actie: rechtsklik op de rode begrenzingslijn van de borduurring.
- Kies: Hoop Position in het contextmenu.
- Instelling: zet van Automatic Centering naar Manual.
- Bevestig: klik OK.
Controle-moment: Verplaats nu je ontwerp. De borduurring hoort niet meer ‘mee te jagen’. Je kunt de ring en het ontwerp onafhankelijk van elkaar beoordelen en positioneren.


Beslisboom: strategie rond inspannen en productie
Wanneer loont het om je workflow te upgraden?
- Scenario A: de hobbyist
- Volume: 1–5 shirts.
- Issue: basis (vaak enkelnaald) workflow.
- Oplossing: standaard borduurringen en eventueel automatisch centreren is meestal prima.
- Scenario B: de productiedraaier
- Volume: 50+ items.
- Issue: ringafdrukken of fysieke belasting door vaak opnieuw inspannen.
- Oplossing: hier worden magnetische borduurringen interessant, omdat je minder kracht nodig hebt dan bij een binnenring/buitenring. In software wil je dan extra strikt werken met de ringbegrenzing.
- Scenario C: het opschalende bedrijf
- Volume: 100+ items per week.
- Issue: opnieuw inspannen wordt de bottleneck.
- Oplossing: efficiëntie komt vaak uit het scheiden van voorbereiden en borduren. Als je je verdiept in inspanstation voor borduurmachine, zie je dat een aparte inspanplek het borduurstation ‘door laat draaien’.
4. Voorbereiding: artwork importeren (je ‘blauwdruk’ op maat)
Digitaliseren is in essentie overtrekken. Als je referentie-afbeelding de verkeerde maat heeft, wordt je borduurwerk ook de verkeerde maat. Daarom: eerst op maat zetten, dán pas verder.
Stap-voor-stap: schalen met exacte waarden
- Actie: ga naar Artwork > Insert Artwork en kies je bestand.
- Visuele check: de afbeelding verschijnt op het canvas.
- Actie: zorg dat de afbeelding geselecteerd is. Zoek in de bovenste Property Bar de velden voor breedte/hoogte.
- Invoer: typ de exacte waarden (zoals in de video: 3.00 en 4.00) en druk op Enter.
Waarom dit je workflow ‘productieproof’ maakt: Wie zoekt naar hulpmiddelen zoals een inspanstation voor machinaal borduren, zoekt vooral consistentie. Pas dezelfde discipline digitaal toe: wat in software 3.00 inch is, moet in productie ook 3.00 inch blijven.


5. Het ‘Lock’-protocol: drift voorkomen
Een van de meest frustrerende fouten: je bent aan het overtrekken en merkt later dat je achtergrondafbeelding per ongeluk een paar millimeter is verschoven. Dan klopt je uitlijning niet meer.
Stap-voor-stap: roteren en vergrendelen
- Actie (roteren): klik twee keer op de afbeelding.
- Klik 1: zwarte vierkante handgrepen (schalen).
- Klik 2: holle/doorzichtige handgrepen (roteren).
- Actie: sleep aan een hoek om te roteren als dat nodig is.
- Actie (vergrendelen): met de afbeelding geselecteerd druk je op K op je toetsenbord, of je gebruikt rechtsklik > Lock.
- Visuele check: er verschijnt een klein hangslotje bij het object (ook zichtbaar in Resequence).




6. Precisietools: linialen en hulplijnen
Professioneel borduren vraagt uitlijning op millimeterniveau. Het menselijk oog is slecht in ‘perfect recht’ beoordelen op een scherm.
Stap-voor-stap: hulplijnen gebruiken
- Actie: zet Rulers aan (via het View-menu).
- Actie: klik in de bovenste liniaal en sleep omlaag. Er verschijnt een gele stippellijn (guide).
- Gebruik: leg de lijn bijvoorbeeld op de basislijn van tekst om te controleren of alles netjes recht staat.
Praktijkcontext: Als je bestanden beheert voor verschillende machines en ringen, zoals brother borduurringen, helpen hulplijnen om ontwerpen consequent te positioneren—visueel strak, niet alleen ‘wiskundig’ gecentreerd.


3x checklists: het ‘pre-flight’ protocol
Klik niet door voordat je deze checks hebt gedaan.
1. Voorbereidingschecklist (fysieke setup)
- Borduurring: komt de fysieke ring overeen met je softwarekeuze (bijv. borduurring 4x4 voor brother)?
- Versteviging: heb je het juiste borduurvlies gekozen? (cut-away voor rekbare stoffen, tear-away voor geweven stoffen).
- Fixatie: heb je een manier om de stof vlak te houden zonder te vervormen (bijv. tijdelijke lijmspray of magnetische borduurring)?
- Naaldcheck: is je naald nog fris? Een slechte naald maakt zelfs een goed ontwerp onbetrouwbaar.
2. Softwarechecklist (digitale setup)
- Resequence open: ik zie de lijst met Objects.
- Hoop Position: staat op Manual.
- Artwork op maat: afmetingen gecontroleerd vóór je verdergaat.
- Artwork vergrendeld: hangslotje zichtbaar (toets: K).
- Hulplijnen: minimaal één horizontale en één verticale guide geplaatst.
3. Operatiechecklist (laatste go/no-go)
- Steekweergave-check: TrueView uitgeschakeld om de technische structuur te bekijken.
- Ringbegrenzing: geen enkel deel raakt de rode lijn.
- Volgorde: de volgorde in Resequence klopt met hoe je aan de machine wilt werken.
Troubleshooting-database
Als er iets misgaat, begin hier. Werk volgens laagste kosten → hoogste kosten (een instelling aanpassen is goedkoop; schade en uitval zijn duur).
| Symptoom | Waarschijnlijke oorzaak | Snelle fix | Preventie |
|---|---|---|---|
| Borduurring ‘jaagt’ achter het ontwerp aan | Automatic Centering staat aan | Rechtsklik op ring > Manual | Werk met een standaardtemplate waarin dit al op Manual staat. |
| Rode lijn snijdt door het ontwerp | Ontwerp groter dan ringgebied | Kies een grotere ring of schaal het ontwerp | Controleer de maat vóór je begint. |
| Achtergrondafbeelding verschuift tijdens overtrekken | Afbeelding niet vergrendeld | Selecteer afbeelding > druk K | Maak ‘Importeren → op maat zetten → Lock’ een vaste routine. |
| Plooien/trekken in stof | Onvoldoende stabilisatie | Gebruik cut-away + (indien passend) tijdelijke lijmspray | Overweeg magnetische borduurringen om vervorming bij het inspannen te verminderen. |
Waarschuwing: magneten. Als je overstapt op magnetische borduurringen: behandel ze met respect. De magneten zijn sterk; laat ze niet tegen elkaar ‘klappen’ en voorkom beknelling.
Tot slot: van setup naar productie
Een goede Hatch-setup is je eerste stap richting professioneel borduren. Maar: software-perfectie kan fysieke beperkingen niet wegpoetsen.
Als je merkt dat je steeds worstelt met ringafdrukken, fysieke belasting door handmatig aandraaien, of het steeds opnieuw inspannen bij grotere orders, dan ligt het knelpunt vaak niet in je digitaliseerwerk—maar in je tooling en workflow. Standaardiseer je digitale stappen met de checklist hierboven, en kijk wanneer je klaar bent om op te schalen naar hulpmiddelen zoals het hoop master inspanstation voor borduurringen.
