Inhoud
De definitieve gids voor ITH geplooide maskers: bulk beheersen, nauwkeurig werken en een stabiele workflow
Je bent hier omdat je een mondmasker op professioneel niveau wilt maken, maar vooral: je wilt het consistent kunnen herhalen. Grote kans dat je worstelt met verschuivende plooien, scheurend borduurvlies of een persvoet die genadeloos in een vouw blijft haken.
Deze tutorial is gebaseerd op de gangbare workflow voor "In-The-Hoop" (ITH) geplooide maskers: katoen aan de voorkant voor vorm en afwerking, flanel aan de achterkant voor meer body, en plooien die je eerst strijkt voordat de borduurstappen beginnen.
Machinaal borduren is echter praktijkwerk. Wat op papier logisch lijkt, kan op jouw machine (voet, snelheid, vlies, tape, naald) net anders uitpakken. Daarom tilt deze gids de standaardinstructies op naar een productieproof protocol, met extra controlepunten en praktische ingrepen die je direct aan de machine kunt uitvoeren.
De eerste reality check: bestandsformaat is ondergeschikt aan fysica. Het ontwerp is gedigitaliseerd voor een 5x7 borduurring (130x180 mm). Als jouw machine beperkt is tot een 4x4 veld, dan is ruimte het probleem—niet het formaat (PES, DST, VP3, enz.).
Het beheersen van projecten met dikke lagen binnen inspanstation voor borduurmachine-werk is precies de vaardigheid die je vandaag traint.

Materialen en voorbereiding: de basis
Succes bij machinaal borduren is voor 80% voorbereiding en voor 20% stikken. In dit project moeten we zowel de machine stabiliteit geven als de drager comfort.
Benodigde stoffen en versteviging
Op basis van de bronmethode en wat in de praktijk het meest robuust werkt, is je materiaalopbouw:
- Voorstof (vorm/afwerking): 100% katoen. Dit geeft een nette zichtzijde en houdt de plooien strak.
- Achterstof (body): flanel. Dit geeft meer “body” zodat het masker minder inzakt tijdens het borduren en dragen.
- Borduurvlies: tear-away (liefst zwaarder). Hoewel cut-away vaak logisch is bij draagbare items, wordt hier tear-away gebruikt om na afloop minder bulk in het ademgebied over te houden.
- Oorlussen: elastiek van 1/4 inch (2 stuks; lengte afhankelijk van pasvormvoorkeur).
- Fixatie: schilderstape of medische tape. Sla dit niet over. Dit is in deze workflow de belangrijkste “verzekering” tegen een persvoet die plooien mee pakt.

De kunst van de plooi (sensorische check)
Als je plooien zacht of ongelijk zijn, wordt je satijnrand golvend. Bovendien werkt de naald dan als een wig die de lagen uit elkaar duwt. Je hebt plooien nodig die echt “hard” geperst zijn.
Specificaties:
- Bovenmarge: meet 1 inch omlaag vanaf de bovenrand.
- Plooidiepte: drie plooien, elk 3/4 inch diep.
- Richting: vouw richting de bovenkant.
Stap-voor-stap strijkprotocol:
- Opbouwen: leg katoen bovenop flanel en behandel dit als één pakket.
- Eerste vouw: gebruik een naadgeleider (of een kaartje met 3/4 inch markering) voor gelijke plooien. Strijk stevig.
- Sensorische check (visueel): kijk naar de zijkant van het pakket. De randen van katoen en flanel moeten mooi gelijk liggen. Als flanel “kruipt”, werk het eerst netjes gelijk voordat je verdergaat.
- Sensorische check (tactiel): ga met je nagel over de vouw. Die moet scherp aanvoelen, niet sponsachtig. Is het sponsachtig: opnieuw strijken.

Machineveiligheid en naaldkeuze
Dit project gaat door meerdere lagen gevouwen stof. Een standaard 75/11 zal sneller afbuigen of breken.
Praktische basisinstelling:
- Naald: maat 90/14 (in de video expliciet aanbevolen). Een scherpe/topstitch-achtige naald werkt vaak beter dan een universele/ballpoint bij dit soort bulk.
- Borduurring: standaard 5x7 borduurring.
Waarschuwing: mechanische veiligheid & naaldafbuiging
Door dikke plooien kan “naaldafbuiging” ontstaan (de naald buigt licht voordat hij door de lagen gaat). Daardoor kan de naald de steekplaat raken en breken.
* Veiligheidsregel: houd je gezicht uit de directe lijn van de naald.
* Snelheid: draai dit niet op topsnelheid. Langzamer geeft meer controle, zeker bij de tack-down en zigzag.
De bottleneck bij inspannen: Bij een standaard kunststof ring kan het inspannen van dik, geplooid materiaal ringafdrukken geven of plooien vervormen door het aandraaien. In deze workflow “float” je daarom de stof: je spant alleen het borduurvlies in en fixeert de stof bovenop.
Werk je met een brother 5x7 borduurring, zorg dat de ring goed sluit, maar forceer de schroef niet onnodig hard.

Stap-voor-stap borduurproces: de “Lego-handleiding” aanpak
We werken met de “float”-methode: je spant niet de dikke stof in, maar het borduurvlies. De stof leg je bovenop en zet je vast met tape. Dit is de meest controleerbare manier om bulk te managen.
Fase 1: placement en tack-down
1) Span het borduurvlies in
- Actie: span één laag tear-away borduurvlies in.
- Sensorische check (tactiel): tik op het vlies. Het moet strak staan (als een trommel). Staat het slap, dan trekt het pakket tijdens het borduren naar binnen en loopt je contour weg.
2) De placement-lijn als “kaart”
- Actie: laad het bestand en stik de eerste kleurstop (placement) op het borduurvlies.
- Visueel: je ziet een duidelijke rechthoekige outline.

3) Het pakket “floaten”
- Actie: centreer je voorgeplooide stoffenpakket over de gestikte placement-box.
- Cruciaal detail: zorg dat de stof rondom ruim over de lijn heen valt, zodat de tack-down overal voldoende “grip” heeft.

4) Tape als veiligheidsriem
- Actie: plak tape over de boven- en onderrand van de stof.
- Waarom dit werkt: je fixeert niet alleen de positie, je maakt ook de “aanrijrand” van de plooien vlakker zodat de persvoet eroverheen kan glijden in plaats van erin te happen.

5) Tack-down op lage snelheid
- Actie: zet je machine duidelijk langzamer (in de video wordt expliciet vertraagd) en stik de tack-down.
- Luistercheck: een gelijkmatig geluid is goed. Klinkt het zwaar/bonkend, wissel naar een frisse 90/14.
- Visuele controle: zie je dat de persvoet een plooi begint mee te nemen? Stop direct, voet omhoog en plak die plooi vlak in de looprichting.

Fase 2: appliqué-achtig trimmen
6) Randen netjes terugknippen
- Actie: haal de tape weg. Knip de overtollige stof rondom weg, dicht langs de tack-down lijn.
- Techniek: gebruik appliqué-schaar (duckbill is ideaal).

Fase 3: elastiek plaatsen
7) Oorlussen positioneren
- Actie: neem twee stukken elastiek.
- Plaatsing: vorm een “U” en plak de uiteinden vast bij de boven- en onderhoeken, ongeveer 1/4 inch naar binnen vanaf de hoek.
- Belangrijke check: het lusdeel moet naar binnen liggen, weg van de rand waar straks zigzag en satijn overheen gaan.


Setup-checklist (pre-flight)
Druk pas op “Start” als je deze punten hebt gecheckt:
- [ ] Ringcheck: borduurvlies strak; 5x7 veld vrij.
- [ ] Naaldcheck: maat 90/14 geplaatst.
- [ ] Onderdraad: neutrale kleur (wit/grijs) werkt het meest vergevingsgezind.
- [ ] Snelheid: laag/midden, niet maximaal.
- [ ] Plooien: strak geperst en op de kritieke zones vlak getapet.
- [ ] Vrije ruimte: elastieklussen liggen vast en uit het stikpad van de rand.

Afwerking en veiligheidsprotocollen
De laatste satijnrand is de “mooimaker”, maar geeft ook de meeste belasting op het borduurvlies.
De eindrand
8) Zigzag als anker
- Actie: stik de volgende kleurstop (zigzag). Dit verankert elastiek en randen mechanisch.
- Actie: pauzeer. Steken er elastiekpuntjes uit buiten de zigzag? Knip ze nu weg.
9) Satijnrand
- Actie: stik de laatste satijnrand.
- Praktijkcheck: hoor/zie je dat het tear-away begint te perforeren en los te trekken, dan is je vlies te licht of te zwak. In de praktijk is “ander (steviger) vlies pakken” vaak de snelste oplossing (dit komt ook terug in de reacties).


Uitnemen en schoonmaken
10) Loshalen
- Actie: haal de borduurring van de machine, neem het werk uit de ring en scheur het tear-away weg.
- Nabewerking: haal restjes vlies uit de satijnrand (bijv. met een pincet) zodat de rand strak oogt.

Hygiëneprotocol
Diane’s instructie voor reinigen:
- Wassen: heet water.
- Drogen: heetste stand, 10–15 minuten.
- Verpakken: per stuk in een sandwichzakje.
Waarschuwing: hygiëne bij productie
Maak je deze voor donatie of uitgifte, werk dan zo schoon mogelijk en volg altijd de intake-eisen van de ontvangende organisatie.
Voorbereiding: verborgen verbruiksmaterialen bij serieproductie
Voor één masker kun je improviseren. Voor 20 stuks wil je een vaste “lijn” met vaste plekken voor strijken, snijden, tape en machine. Een opgeruimde opstelling voorkomt dat je inspanstation voor borduurmachine verandert in een chaos.
Praktische kit voor tempo
- Naalden maat 90/14: houd meerdere nieuwe naalden klaar; bulk + tape vragen veel van de punt.
- Appliqué-schaar (duckbill): voor snel en veilig trimmen langs de tack-down.
- Schilderstape: stevig genoeg om plooien vlak te houden, maar meestal goed te verwijderen.
- Pluisborstel: flanel pluist; maak regelmatig schoon rond grijper/onderdraadgebied.
Prep-checklist (batchen)
- [ ] Stofbatch: alle katoen/flanel sets zijn voorgeplooid en geperst.
- [ ] Elastiekbatch: alle elastiekstukken zijn op lengte.
- [ ] Vliesbatch: tear-away is op ringformaat voorgesneden.
- [ ] Machinecheck: schoon rond onderdraad; naald fris.
Operatie: een herhaalbare workflow draaien
Zodra je van “hobby” naar “productie” gaat, ga je minder ‘kijken naar elke steek’ en meer ‘sturen op proces’.
Productieritme (zoals in de video logisch op te knippen):
- Borduurvlies inspannen.
- Placement stikken.
- Stof positioneren + tape. (kritiek)
- Tack-down stikken. (langzaam)
- Trimmen.
- Elastiek tapen.
- Zigzag + satijnrand.
Je ziet dan meteen: de “mensentijd” (tape/trim) is vaak groter dan de borduurtijd. Dáár win je snelheid met routine en goede tools.
Werk je met een magnetische borduurringen voor brother of vergelijkbaar systeem, dan kan dat helpen om sneller te werken met minder ringafdrukken—maar in deze specifieke ITH-workflow blijft de kern dat je het vlies inspant en de stof “float”.
Operatie-checklist (QA)
- [ ] Tape houdt: plooien blijven vlak onder voetdruk.
- [ ] Trim netjes: stof is dicht langs de tack-down teruggeknipt.
- [ ] Elastiek gevangen: beide uiteinden zitten volledig onder zigzag.
- [ ] Satijnrand stabiel: geen losgetrokken vlies vóór het einde.
Troubleshooting: diagnostische tabel
Als er iets misgaat, begin met de snelste/goedkoopste ingreep (opnieuw inrijgen, naald wisselen) voordat je verder zoekt.
| Symptoom | Waarschijnlijke fysieke oorzaak | Snelle fix | Preventie |
|---|---|---|---|
| Vogelnest (lussen onder de stof) | Bovendraad niet goed ingeregen of spanning niet gepakt. | Rijg bovendraad opnieuw in met persvoet omhoog. | Controleer of de draad echt tussen de spanningsschijven zit. |
| Naaldbreuk | Naaldafbuiging door dikke plooien. | Wissel naar maat 90/14 (zoals aanbevolen). | Langzamer borduren bij tack-down/zigzag. |
| Tear-away scheurt | Vlies te licht/zwak voor de satijnrand. | Pak een steviger rol (praktijkoplossing). | Gebruik zwaarder tear-away en werk met goede tape-fixatie. |
| Plooien schuiven/bollen op | Persvoet pakt een vouwrand. | Stop, voet omhoog, plooi vlak tapen. | Plooien scherper strijken vóór het borduren. |
| Ringafdrukken | Druk/klemming op dikke lagen. | Stoom na afloop kan helpen om vezels te ontspannen. | Werk met de float-methode (stof niet inspannen). |
Beslisboom: stof & vlies logica
Check dit vóór je gaat knippen:
1. Kan je machine dit veld aan?
- Ja (5x7+): ga door.
- Nee (4x4): stop. Dit ontwerp past fysiek niet in 4x4; zoek een specifiek 4x4 ITH-maskerbestand.
2. Welke bestandsformaten spelen mee?
- In de reacties komt vaak terug: Brother-machines werken met PES. De maker geeft aan dat PES kan werken, maar de ringmaat (5x7) blijft de harde eis.
- Voor Viking wordt VP3 genoemd als optie.
3. Heb je “double-sided elastic”?
- In de reacties wordt dit gelijkgesteld aan fold-over elastic (FOE). Als je dat gebruikt, let extra op dat het niet gedraaid ligt voordat je de zigzag draait.
Tool-upgrade pad: het bulkprobleem oplossen
Als dit project zwaar voelt, ligt dat zelden aan je skills—meestal aan grip, bulk en controle.
- Typisch knelpunt: de persvoet blijft haken of het vlies scheurt bij de satijnrand.
- Wat dan echt helpt: strakker persen, langzamer draaien, een frisse 90/14, en tape op de juiste plekken.
Voor wie veel met Brother werkt en sneller wil wisselen in de praktijk: een magnetische borduurringen voor baby lock-achtige aanpak (magnetisch klemmen in plaats van schroefdruk) kan het handling-gedeelte verlichten, mits je machine en ringmaat passen.
Waarschuwing: magneten
Magnetische ringen sluiten met kracht.
* Beknellingsgevaar: vingers uit de rand houden.
* Medisch: uit de buurt van pacemakers/implantaten.
Veelgestelde praktijkvragen (uit de reacties)
- “Waar vind ik het patroon / ik kan niet downloaden?” In de reacties komt voor dat een downloadpagina soms niet werkt of dat je bij downloaden goed moet opletten waar het bestand wordt opgeslagen.
- “Werkt dit op mijn Brother (PE800/PE-770/NQ-serie)?” De maker geeft aan: ja, zolang je een 5x7 borduurring hebt en het juiste formaat (bijv. PES) gebruikt.
- “Ik heb een 4x4 ring—kan ik een grotere ring kopen?” In de reacties wordt aangegeven dat je dit met een dealer moet checken; in elk geval is 4x4 te klein voor dit ontwerp.
Eindresultaat
Als je dit werkproces volgt, ga je van “hopen dat het lukt” naar “weten wat je controleert”. Je beheerst bulk met de juiste naald (90/14), je voorkomt haken met tape en lagere snelheid, en je houdt de rand strak met passend tear-away borduurvlies.
Het resultaat is een masker met nette lagen, strakke plooien en stevig vastgezette elastieklussen die de wasbeurt aankunnen. Beheers de bulk, vertraag waar nodig en laat de machine het werk doen.
